Vlaamse maatregelen

BELEID VAN DE VLAAMSE REGERING OMTRENT DE UITVOER EN DOORVOER VAN STRATEGISCHE GOEDEREN NAAR ISRAËL

De Vlaamse regering en haar bevoegde minister hanteren een specifiek beleid omtrent de uitvoer en doorvoer van strategische goederen naar Israël.

Dit specifieke beleid bestaat erin dat GEEN uitvoer noch doorvoer wordt goedgekeurd die de versterking van de militaire capaciteit van de Israëlische krijgsmacht inhoudt. In uitvoering daarvan wordt uitvoer van strategische goederen (defensiegerelateerde producten, ordehandhavingsmateriaal, ander voor militair gebruik dienstig materiaal, civiele vuurwapens en producten voor tweeërlei gebruik) NIET toegestaan als er sprake is van militair eindgebruik in Israël. Dat wilt zeggen dat de vergunning niet wordt toegestaan als de eindgebruiker de Israëlische overheid of het Israëlische leger of een Israëlische defensiegerelateerde onderneming is of als civiele ondernemingen de goederen zullen aanwenden voor militaire doeleinden. Uitvoer van producten voor tweeërlei gebruik  naar voormelde entiteiten is wel mogelijk als het gaat over aangetoond civiel eindgebruik.

Dit beleid is in voege sinds september 2006 en werd in 2009 bevestigd naar aanleiding van een resolutie van het Vlaams Parlement van 7 januari 2009 betreffende de oorlog in Gaza.

Het beleid steunt op een interpretatie van criteria 1, 2,  3, 4 en 6 die het Gemeenschappelijk Standpunt 2008/944/GBVB van de Raad van 8 december 2008 tot vaststelling van gemeenschappelijke voorschriften voor de controle op de uitvoer van militaire goederen en technologie en artikel 26 van het Wapenhandeldecreet van 15 juni 2012 aan uitvoer en doorvoer verbinden. In geval van producten voor tweeërlei gebruik  worden dit toegepast op basis van artikel 12 van Verordening (EG) Nr. 428/2009 van 5 mei 2009 tot instelling van een communautaire regeling voor controle op de uitvoer, de overbrenging, de tussenhandel en de doorvoer van producten voor tweeërlei gebruik en artikel 6 van het voormelde Gemeenschappelijk Standpunt.

Buiten het aangetoond geval van civiel eindgebruik van producten voor tweeërlei gebruik  wordt vereist dat om een uit- of doorvoervergunning voor Israël te bekomen de uit- of doorvoerder de "materiële zekerheid" verschaft dat de goederen enkel voor wederuitvoer of voor bewerking en wederuitvoer aan een Israëlisch bedrijf worden geleverd en dat het eindgebruik van de goederen zich buiten Israël situeert.

In de praktijk kan deze "materiële zekerheid" worden verstrekt door de volgende documenten bij de aanvraag tot uit- of doorvoer te voegen:

- Een origineel end-user statement van het Israëlische bedrijf; EN

- een kopie van de Israëlische uitvoervergunning met betrekking tot de uitvoer van de goederen in kwestie; EN

- een kopie van het internationaal invoercertificaat, het end-user statement of de invoervergunning van de eindgebruiker.

Indien de bovenstaande documenten niet duidelijk zijn en niet de materiële zekerheid geven dat de door het Vlaamse bedrijf uitgevoerde goederen Israël terug zullen verlaten, vraagt de bevoegde dienst Controle Strategische Goederen bijkomend ook een kopie van de (verkoops)overeenkomst tussen het Israëlische bedrijf en de eindgebruiker (indien mogelijk en eventueel bewerkt) en / of enig ander stavingsdocument.