Geen verplichtingen binnen de Benelux

Voor de overbrenging van defensiegerelateerde producten, ander voor militair gebruik dienstig materiaal, ordehandhavingsmateriaal, civiele vuurwapens, onderdelen en munitie en dual use producten vanuit en naar Nederland en Luxemburg moet u in het Vlaamse Gewest in geen enkel geval een vergunning aanvragen. Hetzelfde geldt als u in het Vlaamse Gewest goederen doorvoert die bestemd zijn voor of afkomstig zijn uit Nederland of Luxemburg, op voorwaarde dat de bevoegde Nederlandse of Luxemburgse autoriteiten voor respectievelijk de invoer of de uitvoer in hun land een vergunning hebben toegekend (als die vereist is).

Voor defensiegerelateerde producten, ander voor militair gebruik dienstig materiaal, ordehandhavingsmateriaal, civiele vuurwapens, onderdelen en munitie is deze “Benelux-vrijstelling” vastgelegd in artikel 3, paragraaf 4, eerste lid, van het Vlaamse Wapenhandeldecreet.  Voor de overbrenging van dual use producten die zijn opgenomen in bijlage IV van dual use verordening 2021/821, is dat artikel 9 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 maart 2014 tot regeling van de […] overbrenging van producten voor tweeërlei gebruik […].

Het Wapenhandeldecreet en het dual use-besluit voorzien deze “Benelux-vrijstelling” momenteel in verwijzing naar de geldende Benelux-regelgeving omtrent het vrij verkeer van goederen en deze wordt tot nader order onverkort toegepast. 

Voor vuurwapens, onderdelen en munitie geldt de “Benelux-vrijstelling” uiteraard wel enkel voor het aspect van de overbrenging en niet voor het aspect van het verwerven en het voorhanden hebben. Een ingezetene van het Vlaamse Gewest die een wapen in Nederland of Luxemburg wil verwerven moet natuurlijk nog altijd beschikken over de noodzakelijke titel om dat wapen te kunnen verwerven en het in België voorhanden te hebben.  Als u gevraagd wordt om die rechtmatige verwerving aan te tonen, wijst onze dienst u voor vergunningsplichtige wapens op de voorafgaande machtiging tot verwerving van een vuurwapen van categorie B, voorzien in artikel 10 van Richtlijn (EU) 2021/555 inzake de controle op de verwerving en het voorhanden hebben van wapens, en tevens vermeld in deel 9.2.1 van de omzendbrief over de toepassing van de wapenwetgeving van 25 oktober 2011. Voor vragen daaromtrent verwijst onze dienst u graag door naar de provinciale wapendiensten. De controle op het verwerven en voorhanden hebben van wapens is immers een federale bevoegdheid, geregeld in de Wapenwet van 8 juni 2006.

Betreffende overbrenging kan u wel een zogenaamd “internationaal invoercertificaat” aanvragen. Dat is géén overbrengingsvergunning, maar bevestigt wel de voorgenomen overbrenging naar het Vlaamse Gewest, waarbij wordt geverifieerd of er tegen de voorgenomen overbrenging bezwaren bestaan in het licht van de voorwaarden die artikel 31 van het Wapenhandeldecreet aan overbrenging vanuit andere EU-lidstaten verbindt. De aanvraag van een “internationaal invoercertificaat” gebeurt via het Digitaal Loket van de dienst Controle Strategische Goederen.
Daarbij is het belangrijk dat u bij “Nieuwe aanvraag” eerst de optie “Civiele vuurwapens” kiest, waarna u  dan “internationaal invoercertificaat” selecteert en bij de gegevens van de goederen kiest voor “civiele vuurwapens, onderdelen of munitie”.
Het is ook belangrijk dat u de correcte persoonsgegevens van uzelf en uw Nederlandse tegenpartij opneemt, net als alle essentiële kenmerken van de wapens, onderdelen of munitie in kwestie. Dat zijn de aard, de categorie, het merk, het model, het kaliber en het serienummer.
U moet ook een scan toevoegen van de titel op basis waarvan uw volgens de Wapenwet van 8 juni 2006 gerechtigd bent de wapens, onderdelen of munitie te verwerven (bijv. model-4, jachtverlof, sportschutterslicentie of erkenning als wapenhandelaar/verzamelaar).